Rond onze jaartelling kroop de Noordzee steeds verder landinwaarts. Het vormde zich in de Middeleeuwen tot de Zuiderzee. De oude Nederlanders in de ‘binnenlanden’ kregen steeds vaker met watersnoodrampen te maken. Tot de stormvloed van 1916.
Eeuwenlang hebben Nederlanders plannen gesmeed om het water te temmen. De impact van de stormvloed van 1916 deed het tij eindelijk keren en het meest gewaagde plan werd in stelling gebracht: de Zuiderzeewerken, een combinatie van zee-afsluiting en land-winning. De Zuiderzeevereniging had het plan klaar liggen, de Zuiderzeewet zorgde voor de realisatie.
In 1932 werd met de Afsluitdijk het eerste project afgerond. In 1968 werd met Almere het laatste stuk – het Zuidelijk Flevoland – opgeleverd. Ondertussen creëerde de aanleg van het nieuwe land nieuwe kopzorgen voor het ‘oude’ land. Zo ontstonden de Randmeren.