Het schip

In het waterrijke Nederland ging veel vervoer eeuwenlang over water. Nederlandse binnenvaartschepen kunnen dan ook buigen op een indrukwekkende historie. Maar met de opkomst van de industriële revolutie veranderde de tijdgeest ingrijpend. Door de ontwikkeling van tram en auto ging vervoer ging steeds vaker over land. De binnenvaart kon de stad alleen bereiken via diverse ophaalbruggen en creëerden daardoor grote wachtrijen voor tram en auto. Binnenvaartschepen veranderden van nut in last; ze haalden het tempo uit de samenleving. Ophaalbruggen werden daarom in rap tempo vervangen door vaste bruggen. Daar konden de traditionele bevoorradingsschepen niet onderdoor.

Maar de bevolking in de stad was gewend aan schepen. De binnenvaart werd in die tijd nog steeds beschouwd als meest betrouwbaar transportmiddel. Nu die niet meer onder de nieuwe bruggen pasten moest daar een oplossing voor komen. Er waren maatschepen nodig. Balder is zo’n maatschip.


1883 – 1954 Maatschip

Balder is een van de eerste geproduceerde stalen maatschepen, een Hagenaar. Met een kruiphoogte van max. 2.40 meter kon de Hagenaar met gestreken mast precies onder de lokale bruggen in Den Haag doorvaren en met een max. breedte van 4.20meter en lengte van max. 20meter was het schip ook goed toegesneden op de smalle Haagse binnenwateren met zijn scherpe bochten.


Maar het nut was van korte duur. Met de ontwikkeling van industriegebied Laakhaven verdween vanaf 1920 de noodzaak om schepen tot in de binnenstad te laten komen en daarmee de noodzaak van de inzet van de Hagenaar voor transport naar de stad. Langzaam maar zeker verdwenen deze typische bevoorradingsschepen uit de binnensteden.

Pieter Veelenturf bleef tot begin jaren ’50 met het schip varen. Vanuit thuishaven Wilnis, een laagveengebied tussen Amsterdam en Utrecht, vervoert het schip turf, grind en zand naar Noord-Holland en de Zuid-Hollandse eilanden. Inmiddels zelf in de 70 werd het tijd om een opvolger te vinden voor het schip.


1954 – 1975 Zandzuigen bij Van Heeringen en Van Vliet in Wilnis

In de jaren ’50 brak er ook in de samenleving een nieuw tijdperk aan. Na de watersnoodramp in 1953 en de grootschalige mechanisatie en vooruitgang van techniek luidden de jaren ’50 van de 20e eeuw de tijd van inpoldering in. Voor deze landaanwinning was een ding cruciaal: zandzuigen. Zo kreeg Balder een nieuwe functie als zandzuiger.

In 1954 verkocht de familie Veelenturf het schip aan een zandzuigbedrijf Van Heeringen en Van Vliet. Het jarenlange zandzuigen trekt zijn tol op het schip. Uiteindelijk ligt het schip er verlaten bij rond de sluizen van Andel. Tot schippersfamilie Broere het schip rond 1970 opkoopt en een nieuw tijdperk aanbreekt.


1979 – 2020

Schippersfamilie Broere sleept het schip naar Lekkerkerk. Het schip krijgt een nieuwe functie: recreatieschip voor het gezin. Met vereende krachten bouwt de familie het schip vanaf het vlak volledig nieuw op maar zorgt tegelijkertijd voor behoud van zijn historische eigenschappen. Balder blijft – en is nog steeds – een met traditionele nagels geklonken schip en een onderwaterschip van puddelstaal. Met de door Broere geplaatste 80-jarige Scania Vabis motor en keerkoppeling draagt Balder zijn lange geschiedenis nog dagelijks uit.


2020 – heden

In 2020 hebben wij het schip gekocht en verbouwd tot varend woonschip.


Ben je benieuwd naar oude scheepsverhalen uit Balders jonge jaren?

Lees en luister hier naar prachtige reconstructies
van Het Wrakke Water

Verhalen van oude schepen

Terug naar hoofdpagina